|
Lillehammer
Dinsdag 1 juli 2003
Trein: Oslo-Hamar
Fiets: Hamar-Lillehammer
82 kilometer (159)
4 uur en 58 minuten (10 uur en 17 minuten)
16,6 kilometer per uur
Halfzeven. Een kwartier later dan gepland gingen we ons bedje uit met boven ons een strakblauwe lucht. Na enigszins haasten en geen ontbijt reden we rond kwart over zeven voor de laatste keer de Ekebergveien af. En met bagage was dat best link. Ruim op tijd bereikten we het grote, maar zeer overzichtelijke en nette centraal station van Oslo. Ook de mogelijkheid liften te gebruiken was voor ons aanwezig en dat maakt het bereiken van perron zestien erg makkelijk.

Voor de fietsen had de trein met het uiterlijk van een TGV een aparte wagon en zo konden we met gerust hart plaatsnemen op onze luxe stoelen. We werden getrakteerd op een vijf kwartier lange tocht door het zeer bosrijke en heuvelachtige gebied ten noorden van Oslo. We zagen alleen door de bomen het bos niet meer en dat was wel jammer. In Hamar was het helaas afgelopen met de zon en kregen we een grijze lucht; de temperatuur daalde ook. Dat weerhield ons er echter niet van buiten voor het Vikingskipet te ontbijten, na eerst wat boodschapjes bij de Rimini te hebben gedaan.
Terwijl Jan en Cees de bidons met water bijvulden in de schaatshal, werd Jesper geïnterviewd door de plaatselijke krant voor de column toerist van de week, compleet met foto. De weg uit Hamar vinden was een behoorlijk moeilijke opgave, die ervoor zorgde dat we op een heel smal paadje langs de Furnesfjord terechtkwamen.
In Brumunddal was de weg vinden ook geen makkelijke opgave en na alle richtingen te hebben uitgeprobeerd, hielp een vriendelijke Noorse vrouw ons op weg. Via slingerende weggetjes door de bossen kwamen we zodoende op weg 213 uit, de weg naar Lillehammer. Bij Ringsaker hebben we naast een oude kerk in een bushokje onze lunch genuttigd. Daarna begon het onophoudelijk te regenen en zodoende werden wij gedwongen ons gehele regentenue aan te trekken. De verder route naar Lillehammer was erg mooi, maar de regen en mist zorgden ervoor dat de uitzichten nogal verpest werden.

Klimwerk was er ook volop, waaronder een ruim twee kilometer lange zeven procent klim vlak voor Lillehammer. Redelijk doorweekt kwamen we rond zessen aan in het Olympisch dorp, alwaar wij bij de plaatselijke Spar boodschappen hebben gedaan. Het vinden van de camping was ook nog redelijk lastig, maar via wat kleine omweggetjes bereikten wij dan de drassige grasvelden. We vonden een plaatsje aan het water, waar met mooi weer vast een schitterend uitzicht over de Mjøsa te zien moet zijn: wij zagen alleen wolken en mist. Tijdens het opzetten van de tent in de regen kwam Cees er ook achter dat vrijwel al zijn fietstassen niet waterdicht zijn en zodoende de bagage in de tent te drogen kon worden gelegd. Bij de receptie was een keuken en eetruimte en daar hebben we dankbaar gebruik van gemaakt. Zo hebben we de Uncle Bench met nakkekotelet (nekkarbonade), worteltjes, doperwten en kersenyoghurt toch nog zonder regen op ons dak, kunnen eten. De rest van de avond hebben we binnen in de tent gezeten, met het sfeervolle getik van regen op tentzeil op de achtergrond. We hoopten dat het de volgende dag wat beter zou worden, zodat we in de trein naar Dombås toch nog van wat uitzichten zouden kunnen genieten.

|