Åndålsnes
|
Åndålsnes
Woensdag 2 juli 2003
Trein: Lillehammer-Dombås-Åndalsnes
Fiets: Åndalsnes-afslag Trollstigen
9 kilometer (168)
38 minuten (10 uur en 54 minuten)
14,2 kilometer per uur
Regen, regen, regen. Daarmee werden wij vanmorgen in Lillehammer wakker. Werkelijk alles was klam en doorweekt. Zo snel als we konden, hebben we alles ingepakt en zijn we richting het station gereden. Na een half uurtje wachten op het perron, kwam de Signaturtrein aangereden. Dankzij de reservering kwam er een conducteur op ons af die de fietsen in een speciaal daarvoor bestemde wagon stevig vastsnoerde. De trein zelf was buitengewoon luxe: een vliegtuig op rails. Lekkere stoelen, mooie inrichting en voor elke passagier een radio zorgden voor het ultieme reizigersgemak.

In de restauratiewagon hebben we onszelf getrakteerd op een heerlijk kopje koffie. Deze hebben wij genuttigd terwijl we genoten van het alsmaar veranderd uitzicht van bergen, watervalletjes en langs de spoorlijn stromende riviertjes en stroomversnellingen. Iets te laat kwam onze trein in Dombås aan en dat was een klein probleempje, aangezien we maar tien minuten overstaptijd hadden. De andere trein stond dan ook al op punt van vertrekken. Terwijl Jan en Jesper nog bezig waren hun fietsen uit te laden, scheurde Cees als een gek over het perron om de conducteur aan te schieten. In eerste instantie wilde hij niemand meer in de trein laten, maar nadat gezegd was dat er sprake was van een reservering, maakte de conducteur, zij het met tegenzin, ruimte voor de fietsen. Ze konden aan de zijkant staan. We waren blij dat we reden en niet nog een uur op een druilerig station hadden moeten wachten. Deze treinreis met de Agendatrein naar Åndalsnes was een nog mooiere dan we al hadden gehad. Het werd een schitterende reis, waarbij er veel gestegen en gedaald werd. Vele watervalletjes stroomden langs de steeds steiler en ruiger wordende bergwanden. Het riviertje met blauw/groen water toonde ons meerdere malen grotere en kleinere stroomversnellingen.
We vonden het dan ook jammer we in Åndalsnes aankwamen. Nadat ons een goede reis was gewenst door twee Amerikanen waarmee we tijdens de reis wat hebben gekletst, stapten we uit. Åndalsnes is een dorp, gelegen aan de Romsdalfjord met een schitterend uitzicht vanaf de waterkant. Terwijl Jan en Jesper inkopen deden bij de Spar, klom de temperatuur tot een meer aangenaam niveau en ook vertoonde zich hier en daar blauwe lucht. De zon begon zelfs te schijnen en dankbaar gebruikmakend van deze gelegenheid, pakten we alle spullen die nat waren, vrijwel alles dus, uit om te laten drogen, inclusief tent.
Daarna hebben we nog kaarten en postzegels gehaald, heeft Jesper in een giftshop een trol gekocht en hebben we bij de plaatselijke bloemist water ingeslagen. Nadat we aan een vriendelijke meneer de weg hadden gevraagd, reden we via de E136 richting de afslag van de Trollstigen. Bij de afslag, gemarkeerd door een bruggetje over een riviertje, vonden we een grasveldje met een paar caravans.
 
Er stonden ook Nederlanders en deze mensen wisten ons te vertellen dat de eigenares van deze minicamping aan het einde van de middag zou komen. Toilet en douche waren aanwezig in een klein gebouwtje naast de nog kleinere receptie. Gezien de unieke locatie bij de Trollstigen en de natuurschone omgeving (liggend aan een kronkelend blauw/groen riviertje en ingesloten door gigantische rotswanden met hier en daar sneeuw), besloten we onze tent op te zetten. En zo zaten we lekker om halfdrie al op onze krukjes. We hebben de middag gebruikt om wat kleren te wassen en te drogen en daarnaast te genieten van de zon en de omgeving. Bovendien was het erg gezellig met de aanwezige Nederlanders. `s Avonds hebben we Lapskaus gegeten (een blik de man!) en even gedoucht, waarbij wel opgepast diende te worden voor elektrocutiegevaar. Op de plaats waar degene die douchte moest staan, stond namelijk de boiler en de douchekop, slechts vastgehouden door een knijper, draaide steeds gevaarlijk richting het stopcontact. De fietsen hebben ook nog een kleine poetsbeurt gekregen en daarna hebben we ons geestelijk voorbereid op de zware tocht die ons de volgende dag te wachten stond. Buiten deze bezigheden om, heeft Cees ook nog een gezellig praatje gemaakt op het bruggetje met een paar vriendelijke Noorse mensen uit Bergen en even later boden ze aan om, als we in Bergen zijn, hen te bellen. Dan mochten we namelijk wel bij hen in de achtertuin kamperen. En dat vonden wij eigenlijk een heel welkom aanbod. `s Avonds hebben we na al dat eten toch nog een heel pak crackers opgegeten, belegd met de net gekochte drie ons kaas.



|