Luster
|
Luster
Maandag 7 juli 2003
Raubergstulen-Luster
83 kilometer (462)
4 uur en 57 minuten (28 uur)
16,8 kilometer per uur
Vannacht was het echt ontzettend koud in de tent en we hebben dan ook met de truien aan geslapen. Jan en Jesper kwamen erachter dat hun slaapzakken niet geschikt waren voor kamperen boven duizend meter in Skandinavië. Jan moest dan ook zijn dode blauwe tenen `s morgens masseren om er weer leven in te krijgen. Zoals gewoonlijk `s ochtends, zat ook deze morgen de lucht potdicht. We konden alledrie wat lastig uit bed komen en de aankomende rustig is voor ons dan ook geen overbodige luxe. Rond kwart voor negen waren alle spullen ingepakt en konden we aan de afdaling naar Bøverdalen beginnen. Het was geen fijne afdaling en aangezien de weg hier en daar nat was, was het behoorlijk uitkijken geblazen. Beneden gekomen, zaten sommige delen van de fiets nogal onder de modder. De buurtsuper in het dorpje was net open en werd door de lijnbus bevoorraad. Bij het kerkje even verderop hebben we onze anderhalve Kneipp genuttigd. De energie hadden we nodig, want direct ging de 55 omhoog. Eerste geleidelijk, maar al snel vlogen de percentages omhoog.


Voordat we het wisten, hadden we al enkele honderden meters geklommen en lieten we de boomgrens achter ons. Frequent stoppend, reden we een ander landschap van steenvlaktes met at mos en gras, watervalletjes en zwerfkeien in. De weg kronkelde nog wel, maar ging nu trapsgewijs omhoog. Langzaam maar zeker daalde de temperatuur.
Toen we op dertienhonderd meter hoogte zaten, werden we nog verrast door een aantal haarspeldbochten. Met de top 2000 in de oren kropen we met een snelheid van acht, zeven, zes soms vijf kilometer per uur naar boven. Jesper reed wat vooruit en bereikte als eerste de top van 1434 meter hoogt, gemarkeerd door een simpel bordje. Met op de achtergrond smeltwatermeertjes en sneeuwvlakten hebben we een groepsfoto gemaakt en zijn we vervolgens naar het restaurant/hotel nabij gereden.
Gelukkig heeft het massatoerisme in dit verlaten gebied nog niet toegeslagen en we werden allervriendelijkst door een dame ontvangen die ons tegen een schappelijk prijs koffie met chocoladegebak verschafte en ons vervolgens een tweede bakje aanbood. Een beetje opgewarmd, gingen we de koude wind weer in. Na een paar honderd meter vonden we een picknickplaats waar we hebben geluncht en een hele tijd hebben gekletst, te midden van de sneeuwvlaktes en gletsjers.
Vervolgens begonnen we, kleine klimmetjes hier en daar daargelaten, aan onze afdaling. In het begin reden we nog een beetje op en neer over de hoogvlakte, maar na een aantal kilometers kregen we een schitterend uitzicht voorgeschoteld, waaruit we konden opmaken dat we naar beneden moesten en dus sterk moesten gaan dalen.

Met vele haarspeldbochten reden we met afdalingen van acht á tien procent de bossen weer in en kwamen we tenslotte in Skjolden aan, gelegen aan de verste arm landinwaarts van de Sognefjord. Hoewel de fjord een prachtig blauw/groene kleur had, was de geplande camping aan de fjord niet wat we hoopten. Behalve dat het dorpje zelf nogal stil aan deed, was de camping compleet morsdood. Na een resoluut `nee' van Jan op de vraag of hij hier een rustdag wilde doorbrengen, besloten we langs de fjord door te rijden naar een andere camping. Tien kilometers verder, in Luster, was een mooiere camping, gezelliger en aan de fjord gelegen. Bovendien was de prijs leuk en zag het dorpje er ook wel gezellig uit. we konden weer een plaatsje aan het water vinden, met picknicktafel. Er was ook een wasmachine en droger op de camping en de kookplaatjes waren gratis. Voor ons de perfecte camping om er een rustig op door te brengen en eens lekker uit te slapen, wat was te draaien en de fietsen na te kijken.
|