De laatste Povlakte etappe staat voor de deur. De hoge bomen op het grote veld zorgen ervoor dat de tenten `s morgens nog lekker in de schaduw staan. Bij het ontbijt komt onze Engelse, vanzelfsprekend spierwitte, buurman op ons af. Hij vraagt zich af of we uit Nederland zijn gekomen en hoort onze verhalen aan. Hij is met z'n vriend per motor op weg naar Kathmandu en hebben daar drie maanden voor uitgetrokken - ik dacht dat wij al gek waren. Waar de wat onhandige Engelsman met melkflessen eigen voor komt, is dat hij een Nederlandse vriendin heeft - `all Dutch girls are beautiful' - en hij wil graag iets in het Nederlands sturen. Hij overhandigt mij het stukje dat hij voor zijn vriendin heeft geschreven:
De man is verrukt wanneer hij het stukje in het Nederlands terug krijgt. Dolblij loopt hij achteruit met de woorden `you made an Englishman very happy', draait zich half om en struikelt vervolgens over de scheerlijn van de tent.
Tegen tienen verlaten we de camping. Een van onze fietsgeboden, naast `gij zult nooit afstappen', luidt nooit eenzelfde weg twee keer te fietsen en zodoende heeft Jesper een weg gekozen naar en door het centrum van Modena, zodat we ook gelijk inkopen kunnen doen. De wat grotere weg die Jesper heeft uitgekozen, blijkt echter een semi-snelweg te zijn. Daar komen we pas achter, wanneer we reeds een aardig eind zijn gevorderd en al aan de oprit zijn begonnen. In een kort rustig moment draaien we als gekken om. Direct worden we omsloten door massa's vrachtwagens die van de afrit rollen. Manoeuvrerend tussen het fileverkeer, strak vooruit kijkend om maar niet de waarschijnlijk verbouwereerd kijkende chauffeurs recht in de ogen de zien, wurmen we ons een weg terug naar de rotonde waar we de verkeerde afslag hebben genomen. We rijden vervolgens maar een klein stukje van dezelfde route terug, om even later een ander weggetje naar Modena te kiezen. Al gauw rijden we tussen druk verkeer en langs industrie. Het blijkt nog niet zo makkelijk om een supermarkt te vinden. We volgen de bordjes `centro' in de hoop onderweg een supermarkt tegen te komen, maar eindigen bij de dom van Modena. In elk geval hebben we een aanknopingspunt en voor de dom rijden we vanaf de rotonde daar lukraak een grote weg in. Na anderhalve kilometer komen we erachter dat dit nergens toe zal leiden en rijden maar weer terug naar de dom. Pas daar zien we dat er nog een bordje centro staat, welk we maar weer volgen. De weg loopt ditmaal dood op een groot gebouw met een weg er voorlangs en zowel links als rechts valt weinig interessants te ontdekken. Op momenten waarop je niet meer weet wat je nu nog moet doen, krijg je meestal te

maken met een onverwachtse wending en een oudere man die ons doelloos op de T-splitsing zag staan komt op ons af. Hij vermoed al dat we naar het centrum willen en wijst met zijn vinger waar we naartoe zouden moeten rijden. Ik wil hem vragen of hij ook weet waar we een supermarkt kunnen vinden, maar aangezien deze man geen Engels spreekt, kom ik niet veel verder dan `supermercati'. Als vanzelfsprekend steekt de man een heel verhaal in het Italiaans af, maar ziet al gauw dat de toeristen voor hem deze wereldtaal niet bekend zijn en gebaart dat we hem moeten volgen. Het viermanschap rijdt in een treintje achter de oude man op z'n mountainbike aan en een paar honderd meter verder staan we plotseling voor een kleine supermarkt welke we anders in geen honderd jaar hadden gevonden. De man drukt ons nog een plattegrond van de stad in de handen, wijst waar we staan en rijdt weg. Na de boodschappen weten we zodoende snel de Via Nonantola de stad uit te

vinden en op dezelfde weg kunnen we even na Navicello de route weer oppakken. Het is ondertussen weer flink heet geworden en we hebben ook weer trek gekregen - af en toe denk ik dat deze vakantie alleen maar bestaat uit fietsen, eten en slapen - en dus is het zoeken naar een stukje schaduw. Na Recovato krijgen we een stukje onverhard, met een paar bomen langs de weg en grijpen deze mogelijkheid maar aan voor een siësta. Midden op de weg parkeren we onze fietsen voor de lunch. We zitten op een zandpad naast een kale graanakker waarboven de lucht danst in de hitte van de zon: het is dik veertig graden. Na

ongeveer twee uur vervolgen we onze weg. Een paar kilometer verder moeten we vanaf een wat grotere weg linksaf slaan. Een paar honderd meter achter ons komt een vrachtwagen op ons inrijden. Aan het steeds luider klinkende gebrul van zijn motor te horen, mindert de vrachtwagen echter geen vaart en zullen we gauw af moeten slaan om ons niet te laten scheppen. Op het moment dat ik deze conclusie trek, is de afslag nog twintig meter weg en zie ik de vrachtwagen in mijn spiegeltje angstaanjagend snel groter worden. Een fractie van een seconde later zie ik voor ons tevens een vrachtwagen aankomen jagen, met vaart waaruit je kunt afleiden dat het monster nooit meer voor de afslag stil zal kunnen slaan. Een honderdste van een seconde later heb ik uitgerekend dat de weg niet breed genoeg is om toe te laten dat de twee vrachtwagens elkaar passeren met ons stilstaand op de middellijn. Maarten anticipeert het snelst en steekt als een razende Roeland over, gevolgd door Daan, Jesper en ikzelf. Vlak voor de naderende vrachtwagen, kwaad genoeg om nog een vuist op te steken naar de chauffeur, sla ik de weg in, waarna de twee vrachtwagens elkaar met donderend geweld passeren. Wat als...? Bologna is gelukkig niet zo heel erg ver meer. De eerder door Jesper bedachte `short-cut' blijkt buiten zijn schuld om wederom in een semi-snelweg te zijn veranderd en zodoende rijden we conform het boekje door naar Casalecchio di Reno. Hier is het even zoeken welke weg we naar Bologna moeten nemen en niet voor de eerste keer deze vakantie sneuvelen enkel verkeersregels om ons doel te bereiken. Het is vervolgens een lange rechte weg naar het centrum van Bologna en onderweg komen we nog een supermarkt tegen voor de avondboodschappen. Bij de kassa sta ik compleet versteld als de caissière mijn paprika bekijkt, wijst op een rot plekje en vervolgens naar de groenteafdeling loopt om daar uitgebreid de tijd te nemen om voor mij een nieuwe paprika uit te kiezen. Ik vind dat een verdomd knap staaltje demonstratiewerk van hoe het wel kan en eigenlijk zou moeten gaan. Eenmaal buiten, rijden we langs een lange arcadegalerij - Bologna staat bekend om haar arcaden - en denken zodoende, mede ook doordat Daan het voetbalstadion van Bologna heeft ontwaard, al in het centrum te zijn aangeland. Dan komen we echter op de ringweg van het centrum terecht: een zesbaan verkeerslichtenparadijs om de oude binnenstad heeft. De vervallen stadspoorten bij elke bocht van deze ringweg doet vermoeden dat de Italianen de complete stadsmuur

uit de oudheid heeft platgewalst voor deze weg. We rijden verder in de treinformatie en nemen deel aan het chaotische verkeer met vele scooters en enthousiast toeterende automobilisten. vele mensen kijken ons lachend aan, wanneer we een complete rijbaan bezetten. Het is een machtig gevoel vooraan bij de scooters voor het verkeerslicht te wachten, terwijl iedereen je van top tot teen verwonderd aan kijkt, om vervolgens bij groen voor de meute uit te jakkeren, waarna de auto's ons weer inhalen. Bij enkele obstakels ben ik als achterste rijder genoodzaakt met mijn arm uitstekend auto's achter mij te dwingen daar te blijven, waarna het hele treintje weer naar links kan uitvoegen om het obstakel -

geparkeerde auto's, complete containers - te ontwijken. We genieten met volle teugen van dit spel en scheurend over de ringweg, vinden we al gauw de afslag naar Ferrera. Wanneer we onder de Tangenziale door zijn, staat de camping al aangegeven. De vier, weliswaar Italiaanse, sterrencamping is netjes ingericht en schoon en na de gebruikelijke paspoortdiscussie, welke we ook vandaag weer winnen, kunnen we een mooi schaduwrijk plekje vinden. We zijn wederom laat, maar weten het op te brengen om eerst de tent op te zetten. Na het eten is het alweer snel laat en we sluiten de avond af met de bekende cola en chips.