Sanchey
|
Sanchey
Afstand: 90 km
Hoogste punt: 414 m
Laagste punt: 227 m
Hoogtemeters: 560 m
Klimmen: 40 km
Vlak: 16 km
Dalen: 34 km
Doorkruizing van een aantal voorstadjes is nodig om de agglomeratie Nancy achter ons te laten. We zijn afgedaald tot het niveau van de Moezel en volgen deze een tijdje. Interessant is het niet, maar de lange rechte wegen langs de rivier en het kanaal ernaast, maakt dat we goed kunnen doorkoersen en de kilometers vliegen er doorheen. De weg is verlaten en ook de dorpen bruisen nu niet bepaald van het leven. Nog steeds zien we rijen half verzakte en afgebladderde huisjes en hier en daar een boerderij. De Moezel is ondertussen geslonken tot het formaat van een forse beek vol grindbanken.

Na de lunch klimmen we nog iets verder. Eenmaal de vierhonderd meter getipt, blijft de weg op hetzelfde niveau en dalen en klimmen we geleidelijk door de (hopelijk) laatste graanvelden. In het plaatsje Dompaire is een kleine supermarkt waar we de inkopen doen voor het avondeten. Via een smal pad slingeren we door de landerijen en achter kleine boerderijen langs. Om de camping te bereiken moeten we een klein stukje van de route af.
Onze enthousiaste buurman onthaalt ons met beide armen, maar (nog belangrijker) met een koud flesje bier en een krantje met Tournieuws, het is vrijwel zeker dat Armstrong opnieuw gaat winnen. De rest van de dag wordt gevuld met het dagelijkse ritueel: tent opzetten, eten koken, verslag bijwerken en `s avonds nog wat snacken. Vanavond gaat dat zelfs gepaard met een sixpack flesjes Kronenburg, wat een zonde!
Compleet verslag
Voor de derde keer heb ik koud `s nachts. Mijn lichtgewicht slaapzak kan mij helaas niet tegen de lagere temperaturen beschremen en rillend van de kou wordt ik wakker. In de verte raast het verkeer over de snelweg. Gaap. Het is weer zo'n ochtend, waarbij je weet dat het niet op gaat schieten. We hebben er wel vaak last van. Eerst douchen. Op ons elfendertigst ontbijten we met stokbrood en croissants. Maarten rilt nog na van de kou; hij is compleet verkleumd omdat de douche hem alleen koud water wilde geven. Om ons heen pakt iedereen z'n tent of sleurhut bij elkaar. Als een van de allerlaatsten zijn we klaar en vertrekken we om half elf verder richting het zuiden. Van de camping af dalen we direct scherp af naar beneden. Even boven de zestig kilometer per uur springt het verkeerslicht omhoog en moeten we flink in de remmen. De GPS leidt ons perfect door de buitenwijken van Nancy. Slechts een opengebroken weg zorgt voor een kleine omleiding - helaas wel met een extra klim van dik twintig procent. Iets buiten de stad duikt een grote supermarche op, goed voor de dagelijkse boodschapjes. Doorkruizing van een aantal voorstadjes is nodig om de agglomeratie Nancy achter ons te laten. We zijn afgedaald tot het niveau van de Moezel en volgen deze een tijdje. Interessant is het niet, maar de lange rechte wegen langs de rivier en het kanaal ernaast, maakt dat we goed kunnen doorkoersen en de kilometers vliegen er doorheen. De weg is verlaten en ook de dorpen bruisen nu niet bepaald van het leven. Nog steeds zien we rijen half verzakte en afgebladderde huisjes en hier en daar een boerderij. De Moezel is ondertussen geslonken tot het formaat van een forse beek vol grindbanken. Al gauw zien we de river niet meer terug en gaan we onze eigen weg. Het landscahp wordt wat glooeiender. Weliswaar ontbreken de graanvelden niet, maar het aandeel bos, mais en weidevelden wordt groter. Even later is daar de departementsgrens tussen `Meurth et Moselle' en `Voges' gemarkeerd door een grote steen aan de kant van de weg en een streep over de weg, veroorzaakt door twee verschillende soorten asfalt. De weg kronkelt nu iets meer en gaat omhoog. Over de schouder vertonen zicht van tijd tot tijd fraaie uitzichten over de heuvels achter ons. Volgens het hoogtekaartje van het routeboekje moet er nog tot vierhonderd meter geklommen worden. Zo tegen tweeen knorren onze magen flink en we willen niet klimmen zonder de nodige energiedosis. In het dorpje Ubexy staat een paar stenen bankjes op de grootste en enige kruizing van het gehucht. Aan de overkant van de straat zijn een aantal bouwvakkers bezig een nieuwe etage te maken op een reeds nogal bouwvallig huis. Een van de bouwvakkers vindt het geen probleem via een laddertje op het dak van de aanliggende schuur te klimmen en met stenen in z'n hand over de dakpannen van het schuine dak naar boven te klauteren. Tijdens de lunch passeren er nog een aantal vakantiefietsers. Deze route is populair. Meestal wordt er een kort praatje gemaakt. `Waar gaan jullie heen? Nog pech gehad? Is dit jullie eerste tocht?' Vaak houdt het daarbij op. Vakantiefietsers zijn erg op zichzelf en eigenwijs. Klikt het niet meteen dan verzanden gesprekken vaak in betweterige opmerkingen over kleding, materiaal en planning. Wellicht in de sfeer van raadgeving danwel nieuwsgierigheid, echter vaak met een licht cynische ondertoon. Na de lunch klimmen we nog iets verder. eenmaal de vierhonderd meter getipt, blijft de weg op hetzelfde niveau en dalen en klimmen we geleidelijk door de (hopelijk) laatste graanvelden. In het plaatsje Dompaire is een kleine supermarkt waar we de inkopen doen voor het avondeten. Via een smal pad slingeren we door de landerijen en achter kleine boerderijen langs. Om de camping te bereiken moeten we een klein stukje van de route af. Vijf kilometer lang dalen we gelediing (in de wetenschap dat dit morgen omgekeerd de warming up zal zijn) en komen in het petiterige dorpje Sanchey plots bij een vier sterren camping aan een stuwmeer. Na het betalen van een viersterrenprijs fietsen we naar ons plekje achterop de camping en constateren dat ook deze camping tot Nederlandse enclave uitgeroepen kan worden. Onze enthousiaste versgebakken buurman onthaalt ons met beide armen, maar (nog belangrijker) met een koud flesje bier en een krantje met Tournieuws, het is vrijwel zeker dat Armstrong opnieuw gaat winnen. De rest van de dag wordt gevuld met het dagelijkse ritueel: tent opzetten, eten koken, verslag bijwerken en `s avonds nog wat snacken. Vanavond gaat dat zelfs gepaard met een sixpack flesjes Kronenburg, wat een zonde! Onze magen zijn het er niet helemaal mee eens en borrelen er vrolijk op los.
|