|
Heerlijk, een frisse noordenwind brengt wat winterweer naar Noorwegen en Europa... Na bijna een week binnen weer 'ns een dagtocht... Terwijl er witte koppen op de fjord stonden door de harde wind, maar met een strakblauwe lucht boven ons scheurden we vanmorgen vroeg direct na het ontbijt naar Kinsarvik, zo'n kwartiertje rijden. Op 200 meter hoogte werden we in het bos gedumpt. Vannacht is er verse sneeuw gevallen, dus de latten gingen onder en glijden maar... Nou ja, klauteren. We moesten de vidda op, zo'n 800 meter hoogteverschil. Dus deden we plakstrips onder onze latten zodat we niet zouden uitglijden en kleunden de steile tractorweg op, terwijl de opkomende zon de witte bergpieken oranje en geel deden kleuren. Frisse wind in je gezicht, paar graden onder nul, mooi uitzicht: wat wil je nog meer?


Dankzij die plakstrips klauterden we vrij gemakkelijk het weggetje op, dat hier en daar met 20% tot 30% omhoog ging. De fjord verdween snel achter ons. De wind blaaste nog wel behoorlijk hard en als we omhoog keken naar de rand van de vidda, zagen we grote stuifwolken van sneeuw vanaf de vidda over de rand geblazen worden. Door de bomen heen kregen we van tijd tot tijd prachtige uitzichten over de fjord voorgeschoteld.
(klik op de foto voor een uitvergroting)
Op zo'n 800 á 900 meter zaten we boven de boomgrens en hier lag veel meer sneeuw en dat maakte het af en toe lastig de steile klimmetjes op te komen. De zon en de elementen hebben hier vrij spel. De zon lichtte de sneeuw op en het leek weer of we op een andere planeet aan het skiën waren. De wind had ook vrij spel en joeg met windkracht 6 á 7 fijne poedersneeuw en kou met hoge snelheid over de vlakte en in onze gezichten...
Tegen half 12 begon er mensen hongerig te worden, dus hebben we van sneeuwblokken een windscherm gebouwd (en die was hard nodig) om lunchpauze te kunnen houden. Omdat een aantal mensen het koud kregen, konden we niet al te lang blijven zitten..

Vervolgens gingen we een stukje over wat meer vlakglooiend (beetje raar woord?) stukje vanwaar een prachtig uitzicht hadden. We hadden een felle zon en een keiharde wind die aanzwelde tot windkracht 7, 8 recht van voren, zodat we af en toe moeite moesten doen om overeind te blijven. Ik vond het heerlijk: vechten tegen de elementen en een ijs- en ijskoude wind in je gezicht. Een paar meiden waren echter moe van het klimmen en begonnen te klagen over de koude harde wind... Aanvankelijk was het doel over de vidda richting Lofthus terug te gaan en vanaf Nosi af te dalen. Håvard vreesde dat alle sneeuw die door de wind over de rand van de vidda was gewaaid, er een reëel lawinegevaar daar zou zijn, zodat we daar niet konden afdalen. Toen hij voorstelde om om te keren, was hij nog niet klaar met uitspreken of de helft van de klas was al op de terugweg. Met name Mats, Kirsti en ik vonden het wel gaaf zo in die wind en hadden uitgezien naar de afdaling via Nosi. Als er lawinegevaar is, moeten we daar natuurlijk niet afdalen. Maar ik baalde wel enorm van die instelling van 'ik ben zo moe, is het nog ver?' en als zich dan de 1e de beste gelegenheid voordoet om af te haken, daar gelijk op in te springen. Af en toe word ik enorm moe van het continu geklaag over 'ik ben moe, ik ben gesloopt, ik trek dat niet, ik heb honger, ik heb het koud, etc, etc' Zodra iets onbehaaglijk is, moet dat gevoel gelijk weggenomen worden. Als ze bijv. trek hebben, móet er gelijk gegeten worden, eten is hier heilig. Nou goed, denk dat als je met sporten niet af en toe een mentale grens overgaat, je er ook niet op vooruit gaat. En straks bij de doorkruizing van de Hardangervidda kunnen we middenop niet zeggen: 'ik ben moe, laten we maar omkeren'... Goed, mekkeren heeft ook weinig zin... De afdaling terug was eigenlijk ook gaaf. We deden de plakstrips af, want anders word je gigantisch geremd bij het afdalen. Dat leverde hilarische situaties bij mij op. De wind had de toplaag van de sneeuw weggeblazen, waardoor overal keiharde gladde ijsvlaktes waren. Slalommen over afdalingen naar beneden? Vergeet het maar, dat lukt me nog steeds niet. haha.. Op een gegeven moment maakte ik zoveel vaart dat ik alleen nog maar keihard rechtuit kon. Armen en benen zwaaiend om m'n evenwicht te bewaren, doorkliefde ik de klas die wel netjes slalomde en daarom midden in mijn 'recht-door-zee'-pad kwamen en werd ik door een kleine ophoging gelanceerd. Ik kwam op m'n zij terecht, maar doordat ik zo hard ging en alles ijs was en het naar beneden ging, gleed ik al cirkeltjes draaiend nog zo'n 50 meter door, voordat ik vooraan de groep tot stilstand kwam. 'Ben je nog heel?' vroeg Håvard met een bezorgde blik. Ik kon alleen maar lachen, gaaf!



Spek- en spekglad!
Maar goed, toen moesten we dus de vidda weer af. Vlak boven de boomgrens had je een behoorlijk steil stukje. Ik herinner me van al die witte flitsen alleen dat ik in de afdaling plotseling over een stukje ijs gleed, waardoor m'n latten elk een eigen kant op werden gelanceerd, ik volgens mij een schroef en salto in de lucht draaide en al tollend in een bak met sneeuw belandde. 'Går det bra, Johannes? Like hel?' Ja, ik ben nog steeds in 1 stuk.... haha...
Na nog een paar mooie uitzichten over de omgeving gingen we het bos weer in om de tractorweg op te pikken...
De Hardangerfjord. In het midden zie je de ferje van Kinsarvik naar Utne varen. Klik op de afbeelding voor een uitvergroting...
Wat een ramp die weg! Ongelooflijk steil natuurlijk en smal. Omdat er bij de 1e haarspeldbocht een flink bult sneeuw lag waar ik mij met een doodskreet in kon laten boren, werd voorkomen dat ik met een noodvaart het luchtledige in zou zijn geslingerd en enkele honderden meters lager in de fjord zou zijn geplonsd.... Je moet remmen, riepen ze... Maar hoe ik ook probeerde mijn ski's in een mooie v-vorm te persen, ik kreeg alleen maar een verschrikkelijke kramp in m'n bovenbenen waardoor ik compleet stuurloos was en als een ongeleid projectiel keihard naar beneden zoefde... Dus haalde ik die plakstrips maar uit m'n tas om onder m'n latten te plakken. Dat ging een stuk beter. Toch ging ik nog steeds harder dan de rest en met elke meter naar beneden won ik meer vaart. Ik vond het behoorlijk griezelig over z'n steil, kronkelig weggetje met een afgrond naast me. Door m'n geschreeuw, vielen er een paar mensen voor me omdat ze bang van me werden, waardoor ik nog harder ging schreeuwen omdat ik bang was over ze heen te glijden... Door m'n vaart kon ik totaal niet sturen en bij elke haarspeldbocht zocht ik iets om me aan vast te kunnen klampen. Met een hoop gezwaai en klungelig gezwier en geschreeuw landde ik zo elke keer in de berm, waarbij ik bij de laatste bocht toch nog iets doorschoot en op een half metertje van een grote zwerfkei tot stilstand kwam... Ik dankte de Heer toen ik veilig beneden was en Håvard met een droogje lachje zei: 'We zijn blij dat Johannes in 1 stuk beneden is gekomen.' hahaha, ik had er de slappe lach van gekregen... 'Je bent een gevaarlijke man' zei Anne doodserieus tegen me. 'Je moet remmen als je naar beneden gaat'
'Gevaarlijk?!', antwoordde ik, 'man, ik vond het zelf hartstikke eng.. Ik remde met elke spier van m'n lijf, maar die remmen deden het gewoon niet!'
De rektor haalde ons op met de minibus en een kwartiertje later waar we weer thuis... Ondanks dat we de tocht niet helemaal hebben kunnen volbrengen, toch een mooie training. Echt gave uitzichten gezien vandaag in dit heerlijke weer. Fantastisch!
Groetjes uit wit Lofthus,
Cees.
|