Er was eens, lang lang geleden, een friluftslivklas in Noorwegen die terugkeerde van een kanotocht aan de westkust met prachtig weer. Toen ze terugreden, begon het echter te druppelen en al snel begon het te regenen. De volgende dag zette de eerste herfststorm van het jaar voet aan Noorse wal....
Toen we vorige week 9 januari vertrokken, regende het nog altijd in het Vestland sinds die ene dag eind oktober toen we terugkeerden van een paar dagen peddelen. De regenteller stond in Bergen op bijna 75 aaneengesloten regendagen toen we vorige week met de minibus het Vestland uitvluchtten, op naar de sneeuw!
Ik weet nog steeds niet hoe we in die bus zijn gekomen. Eén week weg met 13 personen, hoeveel eten moet er dan mee? Op één of andere manier kregen we het voor elkaar de ongeveer 1,5 kuub aan eten (o.a. 20 broden, 15 liter melk, 15 liter jus d'orange, 6 kg kaas, heeeeel veel ander beleg, nog veel meer aardappels, vlees, vis en andere producten en ongelooflijk veel snoepgoed, waaronder 2 bakplaten vol met chocoladecake), 13 setjes skiuitrusting, overnachtingsgerei en 13 zware rugzakken mee te sjouwen. Ook de aanhanger zat tjokvol en we moesten weer eens over de hoofdleuningen klimmen om de stoelen te bereiken.
Heerlijk om de regen te kunnen ontvluchten. Het was bijna 4 uur rijden naar het afgelegen gebied in Telemark, vlakbij Rauland, waar Stine's ouders, midden in de groene heuvels een houten hut hebben. Gelukkig lag er in de omgeving wat sneeuw, eindelijk! Klein nadeel was dat de bus hierdoor niet helemaal omhoog kon rijden, waardoor we zo'n 500 meter omhoog moesten klauteren, mét al die spullen. Maar als je dan aankomt bij een hut als deze, is alles gelijk goed, of niet?
de hut van Stine's ouders, die we zomaar mochten lenen met de hele klas!
Een paar foto's van de omgeving:
Thorolf en ik hebben met z'n tweeën een slee vol met sneeuwgereedschap en daar bovenop een grote doos met eten en de vuilniszak vol bevroren broden naar boven weten te slepen. Thorolf had van die mooie sneeuwschoenen die je onder je gewone schoenen kunt bevestigen: reuze handig!
De hut was goed voorzien van brandhout en had meerdere slaapkamers, een keuken en luie zithoek rond de houtkachel. Heerlijk om in zo'n witte omgeving warme chocolademelk te drinken rond het haardvuur en chocoladecake te eten.. Hmmm!!!
Voor de hele week hadden we een lijst gemaakt wie ontbijt en avondeten zou maken en wie moest afwassen. Standaard stond het ontbijt om 8 uur klaar, zodat we een lekkere lange dag hadden om op de latten te staan. De eerste dag bonden we gelijk de latten op: langlaufen! Dat onderbinden ging nog wel, maar dan! In de directe omgeving van de hut waren alleen maar steile heuvels. Roetsj, roetsj... weg was iedereen en zo stond ik moederziel alleen boven aan. Ik had 2 meter nodig om de eerste keer flink onderuit te gaan. Leuk hoor, in Apeldoorn oefenen op zo'n rolband, maar op zo'n rolband groeien geen bomen en zitten geen plotselinge kuilen. De tweede heuvel had 1 klein zielig boompje en ik kreeg het voor elkaar m'n latten aan beiden zijden te planten. Dat wordt nog wat! Haha, gelukkig werd het daarna snel vlakker, zodat ik m'n 'vaardigheden' kon oefenen. We gleden langs wat bevroren en besneeuwde meertjes in een treintje achter elkaar door het witte landschap.



Er lag zo'n 50 cm sneeuw en toen we van de latten stapten voor de lunchpauze, verdwenen we erin tot aan onze knieën. Met de sneeuwscheppen maakten we bankjes in de sneeuw en een plek om een kampvuur te maken. Relaxen!
We zijn via een grote omweg teruggegaan naar de hut. Na wat klimwerk vonden we een geprepareerde loipe. Dat gaat makkelijk! Totdat we erachter kwamen dat die loipe in de (voor ons) verkeerde richting liep. Omdraaien en terugklauteren dus.. :-(
(zie je het?)

Klimmen is echt zwaar met van die lange latten. Je moet dan van die schaatsbewegingen maken. Nou goed, mijn latten hielden nogal veel van elkaar en schaarden continu over elkaar heen. En als ze dat niet deden, dan gleden ze wel naar beneden. Met veel geworstel en gesputter kwam ik telkens als laatste boven en voelde weer net zoals toen ik voor het eerst leerde schaatsen, kriskrassend over het gladde ijs. Afdalen was helemaal lachu. haha. Op een gegeven moment moesten we een stuk door het bos afdalen. Daar haalde in mijn achterstand weer in. Slalomde iedereen namelijk netjes om alle heuvels heen, ging ik rechtdoor. Ik kreeg het niet voor elkaar te sturen. Flapperend en zwaaiend met m'n skistokken racede ik naar beneden. Steeds harder en harder zoefde ik tussen de bomen door (een mirakel dat ik niet crashde). Flop, daar verdween m'n rechterbeen in een kuil om even later gelanceerd te worden door de volgende heuvel. Zo haalde ik meerdere personen in. Op het allerlaatst ging ik toch nog flink onderuit, niet omdat ik ergens tegenaan klapte, maar omdat ik m'n evenwicht niet meer kon bewaren doordat ik in een deuk lag van het lachen. Ook bij de volgende open vlakte ging ik alsmaar rechtuit, harder en harder om beneden met m'n gezicht in de sneeuw en m'n benen in een onmogelijke houding hard tot stilstand te komen.

afdalen door het bos in de schemer.
In het schemer moesten we de laatste meters klimmen naar de hut. Compleet geradbraakt strompelde ik als laatste de hut binnen, maar gelukkig was ik niet de enige die kapot was.
Na de vis met wortel luisterde Håvard de avond op met zijn blaasgalgconcert (jaja) Geen idee hoe hij het flikte, maar hij kan op die dingen fluiten.
Na een spelletje Noorse Triviant (die Mats en ik wonderwel wonnen) doken we lekker vroeg ons nest in.
De volgende morgen lag er 10cm verse sneeuw en was het -8 graden. Lekker! Heerlijk om het eindelijk eens wat kouder te hebben. We wilden het wat hoger opzoeken (zodat sommigen onder ons ook niet telkens tegen bomen zouden opklappen) en dus wandelden we de heuvel af naar de minibus. Håvard is al niet zo'n geweldige chauffeur, maar bij het afzetten van de bus had hij de ruitenwissers aan laten staan, die nu midden op de ruit vastgevroren zaten. Toen die weer loswaren (voor de helft ontdaan van rubbers) kostte het hem nog enige moeite weg te rijden met de handrem die vastgevroren zat en pas na een flinke dot gas met een knal losschoot. Via een smalle slingerende weg door het bos wonnen we enkele honderden hoogtemeters.
Eenmaal zelf weer op de latten voelde ik aardig wat spierpijn. We deden zo'n 2 uur over de eerste 2 kilometer, maar dat was dan ook alleen maar klimmen door het bos.
Zoals je op bovenstaande foto kunt zien, begon het aardig te sneeuwen en tijdens de lunchpauze raakten we bijna ingesneeuwd. haha.. Op m'n boterham zat niet alleen chocopasta, maar ook een centimeter verse sneeuw. De rendierhuid die ik in Lillehammer heb gekocht, werkt overigens uitstekend. Geen koude billen meer tijdens lunchpauzes in de sneeuw. En ook de gamasjer (oftewel slobkousen) die ik van oma heb gehad werken perfect, zodat ook sneeuw in de schoenen verleden tijd is.
Na de lunchpauze besloten we om nog wat hoger te gaan tot boven de sneeuwgrens. De lucht trok helemaal dicht en terwijl de sneeuw horizontaal in onze gezichten werd geblazen, glibberden we voort over een soort van ijsvlakte van verijste sneeuw. Het leek net de Noordpool.
De afdaling naar beneden ging superhard, omdat de hellingen helemaal verijst waren. Ik kon dus nog niet echt (of eigenlijk: echt niet) sturen met die latten. De rest slalomde netjes de helling af. Ik bleef wachten tot de eerste beneden was, bepaalde vervolgens mijn koers door de uiteinden van mijn latten op die persoon helemaal beneden te richten, zette af met m'n skistokken en roetsjte met een noodgang naar beneden, hopende dat ik niets of niemand zou raken.. haha.. t ging wel gaaf hard!

Het lastigste stuk was echter voor het laatst bewaard, waar we door een dicht bos gigasteil moesten afdalen. Er lag hier ongeveer 1 meter poedersneeuw, dus je zakte overal weg. Jammer dat ik het niet trok om foto's te maken, want iedereen ging om de 5 meter op z'n plaat. Het laatste stukje kon ik een route uitzetten tussen een paar bomen door, waar het ongeveer 30% omlaag ging. Zoef, zoef, zoef, tussen de bomen door... Waar zit de rem? Terwijl de rest lachend toekeek boorde ik m'n gezicht met grof geweld de koude sneeuw in, terwijl m'n benen in een onmogelijke houding onder de sneeuw over elkaar heen geschoven waren.
Rechtsboven zie je tussen de bomen de strook sneeuw waarover we naar beneden scheurden. Linksboven mijn gezicht nadat ik voor de zoveelste keer uit de sneeuw omhoog krabbelde.
Opeens kwam er vanuit het bos een hond op ons afgerend, druk kwispelend en iedereen begroetend. Het was volgens mij geen husky, maar hij leek er wel heel erg op. Het hele stuk tot aan de minibus heeft 'ie met ons mee gerend en telkens wanneer iemand viel, rende hij erop af om diegene te likken. haha... Het laatste stuk naar bus ging over een weg, steil naar beneden en dat stuk deed ik zonder te vallen! Toch wat vaardigheden geleerd vandaag! Bij de bus kreeg ik het nog voor elkaar de hond op de foto te zetten:
Toen we de minibus parkeerden, lag er nog eens zo'n 10 cm extra sneeuw. Heerlijk om weer in een warme hut terug te komen en te relaxen...
Oef, de meeste van ons waren supermoe de derde ochtend. Stijf en spierpijn. Desalniettemin zaten we rond 10 uur alweer in de bus en scheurden we richting dezelfde plek als de dag ervoor. We zijn hier immers om op de latten te staan nietwaar? Håvard stelde in de bus voor om de volgende dag nog vroeger op te staan (7 uur ipv 8 uur) zodat we minstens 5 uur op de latten konden staan. Dat viel niet in goede aarde, haha.. Eerst maar eens zien dat we deze dag zouden overleven, hehe.. ;-)
We wilden niet dezelfde (zware) route volgen omhoog door het bos, dus leidde Håvard ons via een andere (nog steilere) route omhoog door het bos. Ik was echt supermoe van de afgelopen 2 dagen en viel continu om of gleed naar beneden. Maar toen het steilste stuk eenmaal overwonnen was, was alles weer goed. Nou ja, 5 minuten daarna dan. Kijk maar hoe vrolijk ik boven kwam:
Deze dag hadden we echt supermooi weer en met de lage zon en bijbehorend strijklicht in combinatie met een blauwe hemel, leek de omgeving nog mooier dan de dag ervoor.
Voordeel van de steile beklimming van vandaag, was dat we snel boven de boomgrens zaten. Zo'n beetje op de boomgrens groeven we ons in om te lunchen, thee uit de thermos te drinken en te genieten van het uitzicht.
Na de pauze klauterden we nog iets verder omhoog, naar de sneeuw/ijsvlakte waar we de dag ervoor ook waren geweest. Deze dag waaide het niet zo en was het ook wat helderder, zodat we wat van de omgeving konden zien. Vlak voor het hoogste punt vonden we rendieruitwerpselen en toen we in de verte keken zagen we een groep wilde rendieren!
Op de volgende foto kun je een groep rendieren zien:
Tijdens de afdaling naar beneden over de ijsvlakte, probeerde ik dezelfde tactiek als de dag ervoor aan te houden: ski's richten op het eindpunt en gaan met die banaan. Dat ging goed (en keihard) totdat tijdens de afdaling mijn rechter skistok opeens besloot zich in de sneeuw te boren. Aan die skistok zat echter mijn hand en daaraan mijn arm. Terwijl mijn skistok en arm perfect rechtop stilstonden in de sneeuw, zwaaide mijn lichaam door. Het ene moment zag ik alleen maar lucht, maar nadat ik de salto om mijn rechterschouder had voltooid, zag ik alleen nog maar sneeuw: ik landde vol met m'n gezicht recht in de sneeuw. haha... Daarna ging het wel beter en toen we even later een weg naar beneden volgde waarop minder sneeuw lag, lukt het me zelfs bochten te draaien. Gaaf!

Na drie dagen van pittige tochten, hadden we de vierde dag niet zo'n zin dat nog een keer te herhalen. Daarom besloten we wat 'skileiking' te gaan doen. Op een paar honderd meter van de hut lag een helling, ideaal om vanaf te glijden. We hebben er zowat de hele dag doorgebracht. Eerst stampten we de losse sneeuw op de helling plat om een piste te maken en van onze skistokken maakten we poortjes, waar we vervolgens onderdoor moesten glijden.




We maakten het parcour steeds lastiger met heuveltjes waarover je moest springen en zelfs een skischans. Tussen de middag gleden we terug naar de hut om lekker warm binnen te kunnen lunchen. 's Middags keerden we terug om verder te gaan met skispringen. Ik kon het niet laten de grootste skischans te maken, met een aanloop helemaal vanaf de top van de heuvel, zo'n 100 meter verderop. Met een noodvaart kwam je dan aanzeilen, waarna je zo'n dikke 10 meter door de lucht vloog. Dat geeft echt een adrenalinekick. Het is me maar 1 keer gelukt goed te landen zonder te vallen en m'n enkels doen nog zeer, haha... De volgende foto van Mathea gaat hier beroemd worden. Ze landde na deze vogelvlucht volledig voorover en met haar gezicht vol in de sneeuw. Het is ook de eerste en enige keer geweest dat ze mijn schans heeft geprobeerd..
Zo zag de schans eruit vanaf de top
Mathea vliegend door de lucht...
Mats en Anne waagden ook een (eenmalig) gokje...
Daarna hebben we ook nog slalom geoefend en het lukte me nog redelijk ook, zelfs met die lange latten. Ik vind dit hele skigebeuren echt hartstikke leuk en we hebben veel lol gehad samen. Aan het eind van de dag deed alles zeer, enkels, rug, schouders, benen, gezicht, armen, zelfs gekneusde vingers had ik.... Iedereen was aardig gesloopt en om 10 uur lag iedereen al lekker te ronken...
De vijfde dag waren er opeens een hoop zieken. Mats was de 2e dag al ziek geweest en had nu Stine, Sigrid en zelfs Håvard aangestoken. Nog een paar anderen waren ook niet echt lekker (voornamelijk gesloopt en moe) en toen we naar buiten keken en zagen dat het stormde, besloten we maar om 's morgens lekker op de bank uit te rusten. Tegen de middag was ik dat wel zat en een paar anderen ook en zijn we nog een paar uur wezen skiën op onze zelf aangelegde piste. Het slalommen ging steeds beter!
's middags was het ook opeens weer mooi weer, wat resulteerde in een paar mooie plaatjes van de omgeving:
En zo vloog een week om. De 15e was het 's morgens slecht weer en was de helft van de groep nog steeds ziek, dus besloten we maar om terug te rijden naar Lofthus. Bovendien begon de sneeuw te smelten omdat het onverwachts weer boven nul was. De laatste hindernis was om alle spullen inclusief al het overgebleven eten (waar een weeshuis nog een week van zou kunnen eten) weer naar beneden te slepen. Na de groepsfoto konden we weer huiswaarts:
Na 4 uur hobbelen over kronkelige besneeuwde wegen door prachtige landschappen (het reizen is hier slopend, maar o zo indrukwekkend) kwamen we weer aan op ons vertrouwde en verregende honk in Lofthus, waar een deel van het dak van school bij de laatste storm is weggewaaid en het nu lekt in de foyé. Fijn om na 3 weken weer terug te zijn (en er nu ook weer wat langer te blijven). Langzaam druppelde de school weer terug met leerlingen, die overal vandaan moesten komen, o.a. Portugal en Lanzarote.
Vandaag 16 januari zullen we ons dagelijks ritme weer oppakken. Tis gezellig om alle mensen weer te zien en met iedereen bij te kletsen. Verder zien we wel wat er gaat gebeuren en welke avonturen op ons wachten. Tot de volgende update dus!
Het is vandaag trouwens regendag 80 op rij hier in het Vestland en een nieuwe storm is onderweg....
Vi snakkes....
Cees.
|