Uitslapen was er niet bij, want deze dag zouden we naar Karasjok, ongeveer 110 km en zo'n 1,5 uur rijden:
In Karasjok (ookwel Kárášjohka) is 80% van de bevolking Samisch. Het is zo'n beetje de koudste plek in Noorwegen. Ooit was het er -51 graden en dat is een Noors rekord. De week voordat wij er kwamen was het elke dag zo rond -35 graden geweest, dus ik hoopte op een barre, koude dag. Daarnaast is in Karasjok het Noorse Sameting (ofwel Sámediggi) gevestigd, het parlement van de Samen in Noorwegen. Marte's vader werkt daar en hij wilde ons graag een rondleiding geven. Na een lunch met een paar parlementsleden (traditioneel gekleed!) in het Rica hotel, reden we naar het parlementsgebouw dat gebouwd is als tipi.

Behalve een hoop vergaderruimtes, mochten we ook dé Kamer bezoeken, waar op dat moment een debat aan de gang was. We hebben er een kwartiertje gezeten en geluisterd naar het Samisch. Erg leuk om te horen, maar ik begreep er niets van! Duidelijk was wel dat Marte's vader trots als een pauw is op zijn volk en cultuur en tijdens het debat stond hij erop dat hij een foto van mij nam, terwijl de kamerleden op de achtergrond aan het vergaderen waren. :-D
Linksboven de vice-president van de Samen, waarmee ik heel even heb gesproken (in het Noors dan wel)
Na de rondleiding stapten Laila, Marte en ik weer in de auto om naar Karigasniemi te rijden, een klein dorpje net over de grens met Finland. In dit gehuchtje in Finland woont bijna niemand, maar een paar meter op Fins grondgebied staan een benzinepomp en drie supermarkten, vooral voor de Noren die hier goedkoop inkopen komen doen. En wij dus ook. We kochten er echter geen alkohol, maar 10 kg (!!!) rendierharten en 5 kg rendiervlees, ter waarde van 150 euro. 'Wat moet je in vredesnaam met 10 kg rendierhart?' vroeg ik Marte. 'Nou gewoon, een maand drogen, zouten en dan opeten. Is superlekker!' Ok! haha...
Brug over de rivier de Inarijoki die de grens tussen Finland en Noorwegen markeert.
Met verder een flesje Smurfenpriklimonade en een peperduur maar mooi glazen flesje myltebærsaus (gele moerasframbozensaus) met een rendier op de voorkant reden we Noorwegen weer in. En na een paar honderd meter stonden daar in eens 2 elanden langs de kant van de weg!! Helaas zagen ze ons en renden gauw het bos in, waardoor het lastig was een foto te maken...
Maar toch. In Karasjok stopten we nog even voor wat aanvullende boodschapjes en geshop (meiden!), waarna we weer terugreden over de bergvlakte naar Indre Billefjord. Prachtig om de zon onder te zien gaan!
Terug op 't honk maakte Marte een heerlijke lasagne en rauwkostsalade voor ons. Daarna namen we afscheid van Laila. Marte's moeder zou ons namelijk ophalen om een paar dagen in Olderfjord door te brengen. Laila wilde nog wel voor me poseren in haar traditionele kleding...

Terug in Olderfjord vertelden we Grete-Liv (Marte's moeder) en Jan wat we de laatste dagen hadden gedaan. Jan is een echte Noor. Dikke nek, dikke buik, dikke vingers, rood/oranje baardje, een woest gezicht en gekleed in een versleten spijkerbroek en vaal T-shirt. (hij is trouwens rektor van de school in Olderfjord) Maar hij bleek een zeer intelligent man. De eerste avond toen we bij hen waren had ik een hele discussie met hem over zeehonden- en walvisjacht. Hij deed alsof hij groot voorstander was van walvissenjacht, maar dat was vooral om mij te pesten geloof ik. Zeehondenjacht was hij wel echt voorstander van. Ik mocht hem in elk geval wel (niet om die zeehondenjacht, daar ben ik tegen) vanwege z'n uiterlijk en humor. Toen ik vertelde dat ik nog steeds geen Noorderlicht had gezien, zei hij: 'Wat?! Dat kan niet. Als je in Finnmark bent, moet je zeker een keer het Noorderlicht gezien hebben. Dat gaan we per direct regelen. NU!' En hij liep naar buiten op een manier waarop ik alleen maar kon gehoorzamen en meelopen. En ja hoor, alsof hij het zelf had besteld sluierde er een groene nevel over de hemel. Het noorderlicht!!

|