Mistley - Harwich
Afstand: 17 km
Hoogste punt: 28 meter
Hoogtemeters: 58
Hoek van Holland - Haastrecht
Afstand: 60 km
Hoogste punt: 16 meter
Hoogtemeters: 190
|
Nederland

 Langzaam klimt de felrode zon boven de horizon uit. Het is nog doodstil op de camping als we om 5 uur de spullen inpakken. De boot gaat weliswaar pas om 08.45, maar het is nog zo'n 15 kilometer naar Harwich. Sjoerd heeft wat meer tijd nodig dan wij en aangezien Daan ik toch langzamer rijden, vertrekken we vast. Ik geniet nog even van het uitzicht over de heuveltjes. Met de langzaam oranje en geel kleurende zon vlak boven de in mist en nevel gehulde veleden en laag overscherende zwermen zwaluwen is het prachtig rijden over het verlaten kronkelige weggetje. Nog een paar keer `SLOW': het zijn de kleine dingen van de vakantie die je gaat missen. Op de laatste rotonde voor de `port' haalt Sjoerd ons bij. We zijn één van de eersten bij de check-in, maar er komt slechts een handjevol auto's bi. Een beleefde Engelse medewerker boekt ons in. Op vraag of ik met maestro kan betalen, antwoordt hij dat dat alleen met een U.K. maestro kan. Hoezo? Het is toch juist een systeem om wereldwijd mee te betalen? Maar nee, probreren of het werkt is er niet bij, we moeten maar geld pinnen bij de automaat een stuk terug bij de benzinepomp. `But you have to be back in 30 minutes' Grmpf. We jagen snel heen en weer en kruipen voor (nou ja, wij waren er als eerste) langs alle wachtende auto's. Na  een paspoortcontrole is alles ok en mogen we door. Daan en ik mogen als fietsers het eerst de boot op. Ik kijk nog even om me heen naar de glooiende gele heuvels en vervolgens naar de open buik van het schip. Zucht, daar gaan we dan. Sjoerd tokkelt even later binnen met de auto's en gezamenlijk spurten we naar deck 7 waar in het restaurant een gratis ontbijt te halen is. Toast, bacon, eitje, croissants, muesli, fruittoetje: we eten ons helemaal rond. Ik gok dat er nauwelijks 50 passagiers aan boord zin van dit toch redelijke Stenaline-schip en het is alsof we op een spookschip rondlopen, op zoek naar het buitendeck. In een warme zon met een lekker windje kijken we uit over de strakke Noordzee. Twee Nederlanders die aanvankelijk na hun eerste standaard vraag - waar zijn jullie geweest? - direct een verhaal beginnen over hun eigen vakantie - een tik die veel Nederlanders hebben - vragen ons vervolgens toch het hemd van het lijf over onze avonturen. Een paar uur lummelen we half slapend en muziek luisterd op het deck in de zon. Een leueke afleding vormen een  Engelse man en vrouw die namens één of ander onderzoeksbureau ons willen enqueteren over Engels bier. Ze zijn er zelf erg enthousiast over, maar willen behalve wat vragen stelen ook graag over Engeland vertellen en luisteren zelfs enthousiast als we over onze reis vertellen. Als alle vragen als `in welke hoeveelheid koop je het liefst bier?' en `zou je meer bier kopen als het naar je auto wordt gebracht?' en meer in de trend, zijn beantwoord, bedanken ze vriendelijk. De uurtjes tikken snel voorbij en om 2 uur `shipstime' kunnen we aanschuiven voor een `light lunch'. Light? Schnitzel, salades, patat, vis, fruit, toetjes, worsten, het is allemaal mogelijk. Het is echt niet zo gek dat zoveel Engelsen te dik zijn. We profiteren van het aanbod en eten onze buiken helemaal vol. Aan de horizon verschijnen inmiddels de kranen en windmolens van de Maasvlakte. Daan en ik hijsen ons in het invalidetoilet in onze laatste schone setjes fietskleding.

Het is lekker warm als we om 16.15 op Nederlandse bodem staan. Echt maf na zo'n lange tijd: rechts rijden, vertrouwde blauwe bordjes langs de weg, veel gele nummerplaten, fietspaden en puffende Nederlanders die erbij lopen alsof we in de tropen zijn. Direct na Hoek van Holland staat ookal de eerste file. Twee dames in een autootje toeteren en zwaaien naar ons. 100 meter later halen we ze in. Daan kijkt iets teveel naar het vrouwelijk schoon - het aanbod in Schotland en Engeland was ook schaars - en maakt bijna een doodsmak door tegen m'n kar aan te rijden. Samen met Sjoerd slingeren we door de Randstad: Delft, Pijnacker, Zoetermeer. Het valt nog best mee met de drukte en tussen de plaatsen door rijden we door de weilanden en kaslanden. Hoe vreemd is het al die Nederlandse borden, namen en reclameteksten te zien. Na een tijd in het buitenland is het net alsof je buitenlander in eigen land bent. Bij een temperatuur van nog steeds ruim boven de 30 graden en na deze lange dag, wil het met de benen niet super vlotten en langzaam trappen we de kilometers weg. Even voor Gouda steken we met een minipontje de Hollandse IJssel over. Twee jongens op het pontje kijken naar ons en lachen naar elkaar. Ze vinden ons volgens mij stom, maar hebben denk ik niet helemaal door waar wij mee bezig zijn. Over de dijk slingeren we onder Gouda langs. Woonboten in het water, een molen en kerktoren in de verte, koeien in de wei en de skyline van Rotterdam aan de horizon. Schitterend, hoe Hollands kun je het hebben? We zitten nog propvol van het eten op de boot en laten ons snackbaridee maar varen. De camping net voorbij Gouda is een sooitje van bij elkaar gegooide caravans  op vaste standplaatsen waar half ontblote westerlingen met tattoo's de warmte en drukte van de stad ontvluchten. Ze kijken ons schaapachtig aan en we zetten ons tentje achteraan het veldje op. Plof, alle spullen op de grond. Het is een slopende dag geweest. Ik loop even terug naar de receptie om wat koud drinken te lopen. Een meisje van m'n leeftijd loopt op me af en vraagt op een geacteerde en provocerende manier: `hé, hoe gaaaaat het met jou?' Ik antwoordt netjes, maar ze lacht alleen en de groep sjappies achter haar lacht hard mee. Tsja. We zijn anders en dat is erg en het is natuurlijk niet cool om te vragen wie we zijn en wat we doen - want daar zijn ze gewoon nieuwsgierig naar - en dus maak je diegene maar belachelijk. Ik lach erom. Minder lachweekend vind ik de prijs van 1,25 euro voor een blikje koud drinken. `Ja', klaagt de beheerdster, `het is hier ver-schrik-ke-lijk warm en de koelkast maakt overuren'. Ik ben weer in Nederland. Het avondeten bestaat enkel uit een coup-a-soup en een boterham - meer hebben we niet nodig. Het is nu al snel donker en we ouwehoeren nog wat na over de vakanbtie en alles wat niet goed is aan Nederland. Haha. Bijna alle kleren zijn weer vies en het eten, tandpasta, gel, douchespul, alles is bijna op. We  `moeten' dus wel weer naar huis en ondanks dat we lekker lang weg zijn geweest en veel, heel veel hebben gezien en genoten en nu verlangen naar de luxe en de mensen van thuis, maakt het besef na morgen een deel van de vrijheid van nu in te moeten leveren, me wat melancholiek. Aan alles komt een eind is zo'n verschrikkelijke dooddoener. Gelukkig hebben we nog een finale etappe en kunnen we tot in lengte van dagen navertellen over de 1001 avonturen van deze vakantie. De foto's en herinneringen aan dit mega-avontuur blijven nog veel langer en ik heb alweer zat inspiratie voor nog eens 5 nieuwe vakanties. Aan alles komt dus een eind, maar elk eind is een begin van iets nieuws en het is de kunst om niet terug te vallen in de sleur van alledag danwel enkel van vakantie naar vakantie te leven. De dag plukken en iets maken van je leven, doen waar je plezier in hebt, op een goede manierplezier maken met vrienden en dierbaren en genieten van het leven, dat is waar ik na 4000 kilometer nóg meer achter ben gaan staan. Op naar Apeldoorn!
|