|
Rjukan
Je zou er haast gewend aan raken, aan al die rustdagen. Nog nooit heb ik in een fietsvakantie zoveel rustdagen gehad, misschien zelfs alle edities bij elkaar opgeteld niet, als in deze. Maar ik klaag niet. Sterker nog: met alle mensen die ik heb mogen bezoeken, wandelingen, bootjes en andere sightseeingtripjes is het misschien geen diehard fietsvakantie, maar wel een meer afwisselende reis. Vandaag echter geen activiteit, een luierdag op z'n tijd is ook lekker. Daar het gisteravond dringen was bij het afwassen, heb ik die maar een nachtje laten staan. Maar ook nu moet ik op m'n beurt wachten, evenals bij de toiletten. En overal is het een Nederlands gekakel van jewelste. Weg hier! Het lijkt verdorie wel een camping in Zuid-Frankrijk. En daar is niets mis mee, maarhet is niet waar ik nu naar op zoek ben. M'n teller leeft weer en zo fiets ik vrolijk naar Rjukan, op zo'n acht kilometer van de camping.


Een leuk en dankzij dit smalle en diepe dal, lang dorp met kleurige houten huisjes en een klein centrumpje met wat winkels, zelfs een terrasje en het turistkontor, waar ik eens naar binnen stap. Een vriendelijke vrouw helpt me aan wat infromatie over het stikkhopping en vertelt me dat ik daarvoor zes kilometer verder moet zijn. Ik laat de fiets bij de VVV staan en loop eerst maar eens langs de winkeltjes. In de sportwinkel kan ik eindelijk slagen voor de waterdichte wandelbroek die ik ook als skibroek kan gebruiken. Behalve dat ik zonder aankondiging tien procent korting krijg, geeft de medewerker me tevens ongevraagd een taxfreebon ter waarde van 275 kroon die ik op het vliegveld kan verzilveren. Vanuit Rjukan gaat de weg vrij steil omhoog en in m'n gewone kleren schakel ik flink terug: het is bovendien erg warm vandaag. De eerste zomerdag sinds de dag dat ik naar Trondheim fietste, ruim drie weken terug. Achter me kan ik mooi Rjukan zien liggen en nu pas wordt duidelijk hoe ingeklemd het dorp tussen de bergwanden ligt. 'Strikkhopping' staat er op het bordje langs de weg en ik daal een stukje af naar een hangbrug die over een diepe kloof hangt, waar beneden de rivier raast.


Hier moet het aanstaande weekend gebeuren: dan ga ik strikk hoppe, ofwel bungee jumpen. 85 meter vanaf de brug naar benden de afgrond tegemoet. Brrr, nog maar zien of ik het durf. Ik steek de brug over en fiets een stukje omhoog naar het industriemuseum, dat tevens gewijd is aan de 'zwaarwater-saboteurs' uit de Tweede Wereldoorlog.

Destijds werd hier zwaar water geproduceerd en de geallieerden waren bang dat de nazi's met de kennis die ze opdeden uit onderzoek naar het zware water, in staat zouden zijn om een atoombom te produceren. In het geheim werden vier Noorse parachutisten gedropt ten westen van Rjukan om de sabotage actie voor te bereiden. De eerste poging mislukte hopeloos: 34 speciaal getrainden van de eerste Airborn Division werden met twee zweefvliegtuigen helemaal vanuit Engeland naar Noorwegen getrokken om de fabriek aan te vallen en te vernietigen. Eén van de vliegtuigen crashte op een berg en nam z'n zweefvliegtuig mee. Het andere zweefvliegtuig werd losgelaten, maar kreeg het niet voor elkaar te landen, waarbij enkelen omkwamen en de overlevenden door de Duitsers werden neergeschoten. De vier Noorse verkenners vluchtten de vidda op, waar ze overwinterde en leefde van de rendieren die ze schoten. Bij de tweede poging werd een nieuwe groep van zes man zo'n vijftig kilometer van hun geplande locatie gedropt en landde in een storm. Nadat de twee groepen verenigd waren, wisten ze ongezien de fabriek binnen te sluipen, de hoofdtanks met zwaar water op te blazen en de vidda op te vluchten. Eén groep ondernam de tocht naar het neutrale Zweden op ski's, de andere helft bleef op de vidda achter tot het einde van de oorlog, zonder ontdekt te worden door de Duitsers, terwijl ze radiocontact onderhielden met de geallieerden. Naast het museum staat een gedenksteen ter ere van de saboteurs.

De weg terug naar Rjukan gaat een stuk sneller. Ik stop nog even bij de supermarkt voor wat boodschapjes. Eenmaal terug op de camping heb ik er toch weer ruim dertig kilometer opzitten. De zon brandt behoorlijk - het is haast onwennig - en de rest van middag lig ik in m'n korte broek en bloot bovenlijf in de zon te bakken om m'n - hoewel enigszins vervaagde - afscheidingen weg te werken. 's Avonds is er nog even contact met Nederland zodat ik Daan een goede reis kan wassen. Over een week zien we elkaar al in Lofthus!
|